Nieuwe terminologie vereist geen hervorming van het schoolcurriculum.
Seksuele voorlichting: meer kennis, minder ideologie.
28 mei 2026, Comité Bescherm Onze Kinderen

In een artikel van VRT NWS op 17 mei “De juiste woorden aanleren zorgt ervoor dat er minder schaamte is om over problemen te praten” deed een groep experten een oproep om meisjes al vanaf de kleuterleeftijd de correcte benaming vulva aan te leren en hen vroeger te informeren over menstruatie. Daarom zou volgens hen het schoolcurriculum, van het basisonderwijs tot het secundair onderwijs, moeten worden herzien door minister van Onderwijs Zuhal Demir (Vrt Bron>>)
Opmerkelijk is dat er maar één naam openbaar gemaakt wordt van de specialisten, namelijk de endocrinoloog Martine Cools, die adolescenten begeleidt in hun transitie. Dus duidelijk iemand uit de progressieve hoek. Waar zijn de namen van de andere experten?
De Vlaamse minister van Onderwijs Zuhal Demir zou het schoolcurriculum moeten aanpassen van de kleuterklas tot het secundair onderwijs.
Het schoolcurriculum is pas in 2024 vernieuwd. Men heeft toen gekozen om minimumdoelen op te stellen zodat het onderwijs neutraal blijft en iedere school daarbovenop zijn eigen accenten kan toevoegen naar wens.
We weten dat Sensoa echter deze minimumdoelen wil uitbreiden zodat hun eigen doelstellingen worden opgenomen door de overheid en zo alle scholen hun liberale visie moeten volgen, dit is niet nieuw. Hoogstwaarschijnlijk laat Sensoa een arts spreken in hun plaats. Zij hopen via dit ene bezwaar een volledige omvorming te verkrijgen van het schoolcurriculum.
Ze willen dat al vanaf de kleuterklas, er meer aandacht is voor de juiste benaming van het vrouwelijke geslachtsorgaan, namelijk de vulva.
In de minimumdoelen voor kleuters staat dat de belangrijkste delen van het lichaam moeten gekend zijn. De geslachtsdelen staan er inderdaad niet expliciet bij. Maar, zouden kleuters hun geslachtsdelen niet kunnen benoemen? Terwijl kinderen in bad zitten komen deze woorden spontaan aan bod, hun plassertje, hun spleetje … Het zijn de eerste woorden die gebruikt worden bij het ontdekken van hun eigen lichaam.
Tot nu toe staat het woord vulva nog niet in de leerboeken, daarom wordt dit woord nog niet gebruikt. Dat is een nieuwigheid. Wanneer men dit opneemt in de leerboeken dan wordt dit vanzelf meegenomen in het gebruik.
Het benoemen van de geslachtsdelen bij kleuters is zeker aan te bevelen. Zo kunnen ze bij problemen of seksueel misbruik duidelijk benoemen wat er gaande is.
Volgens deze experten weten meisjes van de basisschool vaak veel te weinig over hun eigen lichaam en dan vooral over hun geslachtsorgaan?
In de minimumdoelen van het lager onderwijs staat nochtans duidelijk: "De leerlingen kunnen lichamelijke veranderingen die ze bij zichzelf en leeftijdsgenoten waarnemen, herkennen als normale aspecten van hun ontwikkeling." Dit biedt ruimte om in de klas de kennis van het lichaam onder de loep te nemen en deze kennis trapsgewijs op te bouwen.
Dit gebeurt trouwens al. We zien bijvoorbeeld in het voortplantingsboekje van Plantyn, dat meestal in het laatste jaar van het basisonderwijs wordt gebruikt, dat de geslachtsorganen aan bod komen, zowel die van de jongen als die van het meisje. Ook de vrouwelijke cyclus en de zwangerschap worden stap voor stap beschreven.
Waarom moeten de kleuters de juiste benaming van het vrouwelijke geslachtsorgaan gebruiken, namelijk vulva?
Nu vindt men in de leerboeken de woorden: vagina, schaamstreek, schaamlippen. Maar vanaf nu willen deze experts een academische naam naar voren schuiven, namelijk vulva.
Het Nederlandse woord “schaam” komt van het zelfstandig naamwoord “schaamte”, en gaat terug op Oudnederlandse en Germaanse wortels. Het betekende: het gevoel dat je iets liever verborgen houdt of dat iets “niet publiek hoort”. Het verwijst dus naar “het deel dat je liever bedekt”. Op zich een goede verwoording van hoe we het ook ervaren.
Maar we zien in de leerlijnen en lespakketten van Sensoa dat ze het natuurlijke schaamtegevoel afbreken door leuzen zoals ‘Bloot en sexy’, ‘Je hoeft je niet te schamen’ … De dokter Bea-show, door Sensoa gepromoot, besteedt er een ganse les aan en leert kinderen waarom ze zich eigenlijk niet hoeven te schamen. Het natuurlijk schaamtegevoel vanaf de basisschool is gezond.
Dat nieuwe woord wordt nu gepromoot door activisten die een liberale seksuele voorlichting willen aanbieden. Blijkbaar vinden zij dat woorden met schaam- moeten verdwijnen. Voor beide standpunten valt iets te zeggen. Schaamte naar buiten toe mag er zijn, terwijl schaamte tegenover je partner overbodig is.
Aan schaamte wordt soms een negatieve connotatie verbonden, namelijk het gevoel "niet goed genoeg te zijn". Dat is niet wenselijk, want ieder mens is uniek.
Maar moet men daarom het schoolcurriculum wijzigen? Men kan dit woord in de leerboeken geleidelijk ingang doen vinden, en het gebruik ervan zal dan vanzelf volgen.
De kinderendocrinoloog Martin Cools vraagt het woordje vulva uit de context van seksualiteit trekken.
Dit lijkt ons moeilijk. De vulva is een plaats waar de geslachtsdelen ontwikkelen om zich klaar te maken voor de mogelijkheid tot seks. Het is nu eenmaal geen hoofd of hand. Men moet het woord ook niet gaan banaliseren. Men wil blijkbaar de connotatie naar een lichaamsdeel van jou privé er volledig uit halen.
Martine Cools vindt dat er een belangrijk gebrek is aan kennis over de anatomie van onze geslachtsorganen. Meisjes zouden nog minder kennis hebben dan jongens en hebben meer schroom om erover te spreken.
De cyclus van een meisje is natuurlijk ingewikkelder dan die van een jongen. Eigenlijk zouden meisjes nog uitgebreidere informatie mogen krijgen over hun cyclus en de werking van de belangrijkste hormonen zodat ze hun levensritme kunnen aanpassen aan hun cyclus en zo hun cyclus nog beter kunnen omarmen. Zo zouden ze ook beter de werking van de hormonale anticonceptie begrijpen en misschien eerder grijpen naar natuurlijke methoden.
Onder adolescente meisjes wordt wel onderling gesproken over de menstruaties, of die al dan niet reeds aanwezig zijn en hoe men dit ervaart. Helemaal taboe is het niet.
De anatomie van de geslachtsorganen staan in de verplichte minimumdoelen. Maar Sensoa schuift dit grotendeels door naar de lessen natuurkunde. Nochtans, als men wil dat de ongewenste zwangerschappen afnemen, is het uitvoerig kennen en ervaren van de eigen vruchtbaarheid een pluspunt. Zo zullen de jongeren bewuster omgaan met hun vruchtbaarheid en zullen ze risicogedrag vermijden.
Ook zouden meisjes al vroeger meer moeten leren over menstruatie.
De eerste menstruatie ligt net iets lager dan 12 jaar maar vindt gemiddeld plaats in het dertiende levensjaar. Dus het is goed dat men vanaf het middelbaar de menstruaties uitvoerig bespreekt. Dit gebeurt ook. De minimumdoelen van het middelbaar vragen kennis van: de hormonale regeling van het voortplantingssysteem, zoals vrouwelijke – en mannelijke geslachtshormonen; het voortplantingssysteem bij de mens zoals de menstruatiecyclus, zaadcelcyclus; de bevruchting, zygote, embryo, foetus.
Bij de bespreking van de lichamelijke veranderingen in het laatste jaar van de basisschool kan ook kort worden ingegaan op menstruatie, zoals reeds gebeurt in het boekje van Plantyn.
Volgens Martine Cools zitten we met een generatie van ouders die dit ook niet heeft meegekregen in het onderwijs. Dus we moeten beginnen bij onze kinderen en zorgen dat het van generatie op generatie wordt doorgegeven.
Reeds vanaf de jaren 60, sedert de seksuele revolutie, is er aandacht voor seksuele voorlichting. De basis werd toen al gelegd en het accent lag primair op kennis van geslachtsorganen, coïtus en voorbehoedsmiddelen. Dit taboe werd toen al doorbroken.
We zien dat Sensoa weinig aandacht besteedt aan het doorgeven van grondige kennis. Zij spitst zich toe op liberale praktijkgerichte seksuele educatie, zoals ‘de weg naar de eerste keer, ingrediënten die de kans op een leuke eerste keer vergroten, doet de eerste keer pijn?’ En bovendien moedigt ze de leerkrachten aan om na de les een condoom mee te geven aan de studenten. Ook normaliseert Sensoa experimenteren met seks, sexting en porno kijken. De lustbeleving staat bij kleuters en kinderen centraal. Daar gaat het mis! Sensoa zou zich inderdaad meer mogen toeleggen op het uitleggen van het wonder van de vruchtbaarheid dat plaatsvindt bij de jongen en het meisje zodat hun verantwoordelijkheidsbesef groeit en ze verstandig hiermee omgaan. Dan zullen we een ommekeer zien in het gedrag van de jongeren en zullen soa’s, grensoverschrijdend gedrag en abortussen afnemen.
Hoe langer hoe meer ouders beseffen dat het hun taak is om seksuele voorlichting te geven, vooral nu de liberale seksuele voorlichting de kop op steekt. Zij willen de school voor zijn. Als zij het niet doen, doet een ander het. En de vraag is dan of het wel correct gebeurt.
Vlaams minister van Welzijn Caroline Genez is niet bevoegd voor seksuele opvoeding in scholen.
De minister is bevoegd voor het welzijn van jongeren in het algemeen. Zij zou mogen onderzoeken hoe het komt dat
Er is in ieder geval dringend een onafhankelijk onderzoek nodig om na te gaan waarom de doelstellingen van Sensoa niet worden bereikt, met name het terugdringen van soa's, ongewenste zwangerschappen en grensoverschrijdend gedrag.
Het verlagen van de leeftijd van 16 naar 14 jaar waarop coïtus en sexting als legaal worden aanvaard, het aanbieden van praktische handleidingen voor een eerste seksuele ervaring (zoals in het tijdschrift Beddengoed) en een vlaggensysteem dat zeer ruime grenzen hanteert, zijn niet bevorderlijk voor het verminderen van risicovol seksueel gedrag. Wij zien dus de resultaten van een dergelijk onderzoek met belangstelling tegemoet.
Slot
De bestaande minimumdoelen komen reeds tegemoet aan de geformuleerde bezorgdheden, de juiste woorden aanleren en vroeger informeren over menstruatie. Hiervoor is geen herziening van het schoolcurriculum nodig. De vraag rijst of de huidige oproep wordt gebruikt om een bredere hervorming van het schoolcurriculum te forceren, terwijl dit curriculum nog maar recent werd aangepast.
Een onafhankelijk onderzoek naar de effectiviteit van de huidige seksuele voorlichting en het beleid van Sensoa is wenselijk alvorens nieuwe verplichtingen aan alle scholen op te leggen.
Minimumdoelen
De kleuters kunnen een menselijke figuur tekenen met de belangrijkste lichaamsdelen (het hoofd, de romp, de benen, de armen, de oren, de ogen, de neus en de mond) op de juiste plaats.
Basisschool
Secundair, 1ste graad
Secundair, 2de graad
Secundair, 3de graad
Daarnaast zijn er nog minimumdoelen voor relationele vaardigheden, weerbaarheid (ook online), omgaan met diversiteit …
U kan ons steunen door een gift over te maken op rekening van
'Bescherm-onze-kinderen'
Iban rekeningnummer: BE36 7795 9897 9781
Bic: GKCCBEBB
Copyright © Alle rechten voorbehouden